
Een afgod is datgene wat iemand in de plaats van God stelt, en daarop zijn vertrouwen stelt. De plaats die God alleen toekomt. Wie een afgod vereert, verwacht daarvan dat die hem of haar geeft wat alleen God kan geven.
Afgoden zijn al sinds de schepping een plaag van de mensheid geweest. Adam en Eva stelden in het Paradijs hun vertrouwen op de Satan en wat deze hun influisterde. Israël, het uitverkoren volk van de Ene ware God, worstelde met de verleiding om afgoden, en de valse goden erachter, om die te aanbidden. Want achter elke afgod – of idool- zit een gevallen engel/demon.
“Zij mogen hun offers niet meer aan de demonen brengen, waar zij als in hoererij achter aangaan. Dit is voor hen een eeuwige verordening, al hun generaties door.” (Lev. 17:7)
En voor christenen benadrukte Paulus dezelfde waarheid:
“Nee, ik zeg dit omdat wat de heidenen offeren, zij dat aan demonen offeren en niet aan God, en ik wil niet dat u met de demonen gemeenschap hebt.” (1 Kor. 10:20)
Tegenwoordig worden fysieke afgoden in veel delen van de wereld nog steeds aanbeden door valse religies. Ook in onze “verlichte” westerse wereld zijn moderne afgoden. Ze worden niet zo genoemd, maar het zijn echte afgoden. En we weten uit de Bijbel, dat in de toekomst, voordat de Heere Jezus Christus terugkeert naar de aarde, de afgodsverering de hele wereld zal beheersen. (Openb. 13:14,15)
Afgoden in het Verleden
De Schrift vertelt ons, dat de familie van vader Abraham afgoden aanbad (Joz. 24:2), en Jacob, de stamvader van het Israëlische volk, en zijn directe familie, hadden ook problemen met afgoden toen ze het Beloofde Land binnenkwamen (Gen. 35:2-4).
De twaalf stammen van Israël, in slavendienst in Egypte werden geconfronteerd, ja overspoeld, met Egyptische afgoderij. God rekende echter met deze valse goden af door middel van de 10 plagen, zodat Israël het bewijs zag Wie de enige ware God van hemel en aarde is.
Maar al kort na de uittocht zien we al weer een beeld oprijzen. Aäron, de eerste Hogepriester, maakte op aandringen van het volk een gouden kalf. Een beeld dat de Egyptenaren aanbaden! Het beeld kreeg de eer die God alleen toekwam. “Toen zeiden zij: Dit zijn uw goden, Israël, die u uit het land Egypte geleid hebben.” (Ex. 32:1-6).
Keer op keer in de geschiedenis van Israël, werd het uitverkoren volk van God, verleid tot afgoderij, vooral – ironisch en tragisch – tot de afgoden van de vijandelijke naties om hen heen en degenen die binnen hun grenzen woonden (bijv. Richt. 2:11-13).
Koning Salomo, de wijste man die ooit heeft geleefd (met uitzondering van Christus natuurlijk), ging Israël in zijn laatste jaren voor in de afgodendienst door zich neer te buigen voor een pantheon van valse goden, en zette afgodsbeelden neer in heel Israël, en vooral in Jeruzalem, de stad van God (1 Kon. 11:1-8). Onder Salomo werd Gods heilige stad een heiligdom voor elke bekende afgod en dat ging door onder de meeste volgende koningen. Op elke straathoek, op elke heuvel, in en onder elk bos, en zelfs in en rond de Tempel van God zelf, werden afgoden aanbeden.
Een afschuwelijk dieptepunt was wel, dat zowel in het 10-stammenrijk als in Juda, kinderen verbrand werden als offer aan valse god Molech (o.a. 2 Kon. 17:16-17, 2 Kon.16:3, 2 Kron. 28:3, Jer. 7:31). We zien vandaag hetzelfde soort kinderoffers aan de afgod “Zelf” bij abortussen.
Honderden jaren later zag Ezechiël, in ballingschap in Babel, in een vreselijk visioen, hoe de priesters in Gods Eigen Tempel in Jeruzalem, het volk voorgingen in de dienst aan de afgoden. Bij de Noorderpoort stond een groot beeld ter ere van de jaloezie, en binnen waren in de muren afbeeldingen van onreine dieren en afgoden gekerfd. De priesters brandden reukwerk voor de afgoden, en buiten zaten vrouwen over de afgod Tammuz te weeklagen, terwijl mannen, met de rug naar de Tempel, zich neerbogen voor de zon. (Ez. 8:1-18)
Ook in de dagen van Jezus en de apostelen, was de afgodenverering een ongebreideld fenomeen in het hele Romeinse Rijk en de rest van de wereld. Afgoden uit de Egyptische, Griekse en Romeinse mythologieën, die allemaal herleid kunnen worden tot de heidense aanbidding van demonen, die begon in Babel. Daarnaast werden er nieuwe afgodsreligies ontwikkeld, zoals de Romeinse keizerverering. (Hand. 12:21-23).
Mensen verering zien ook nog steeds in onze tijd. Van religieuze leiders (bijv. de Paus), tot politici, muzikanten, acteurs, atleten, enz., enz. Deze verering van mensen bereidt de wereld voor op de ultieme vorm van mens-aanbidding, namelijk die, door de Satan geïnspireerde, aanbidding van de Antichrist.
Hun afgoden zijn zilver en goud, het werk van mensenhanden: zij hebben een mond, maar spreken niet; zij hebben ogen, maar zien niet; zij hebben oren, maar horen niet; zij hebben een neus, maar ruiken niet; hun handen, die tasten niet; hun voeten, die gaan niet; er komt geen geluid uit hun keel. Laat wie ze maken hun gelijk worden, al wie op hen vertrouwt. (Ps. 115:4-8, vgl. Jes. 44:9-20)
Degenen die vervangers maken of zoeken, of het nu gaat om fysieke beelden, of mentale verbeeldingen, en die op de plaats zetten die alleen de enige ware God van de schepping toekomt, zijn niet alleen godslasterlijk, maar ook dwaas, omdat dergelijke “idolen” (d.w.z. “ijdelheden”) niet in staat zijn om te redden.
Afgoden in het Heden
Charles Darwin, een vrijmetselaar uit Engeland, introduceerde in 1859 de theorie van “de oorsprong van de soorten”, nu de evolutietheorie genoemd. Maar deze theorie is in onze tijd tot een “onomstotelijke waarheid” verheven. En wee degene die het niet accepteert. Die wordt als achterlijk weggezet, en kan in het wetenschappelijke terrein niet meedoen.
Onze Heiland gaf aan Zijn discipelen, en dat geldt ook voor alle gelovigen van alle tijden, deze waarschuwing: “Pas op dat niemand u misleidt” (Matt. 24:4)
Maar de mensheid is in onze tijd wel enorm misleid, misschien is er geen enkel idool dat zo schadelijk en gevaarlijk is als de Darwiniaanse evolutie. Want hierin werd de basis gelegd van veel van onze hedendaagse dwalingen en afval.
Het begon met de explosie van seculier humanisme, de zogenaamde “Verlichting” in Frankrijk, in 1880. De “verlichte” mens accepteerde geen hogere macht meer boven zich. “God is dood” zo werd verkondigd, en in plaats daarvan ontstond de cultus van “de Rede”. De mens zelf zou wel in staat zijn en weten wat het beste voor hem was. Het logische gevolg was de Franse Revolutie (1789). Alle gezag moest weg, “Ni Dieu, Ni Maître” (Geen God, geen meester) was de leus. De Koning, de Koningin en veel edelen werden onthoofd. Voortaan kon het volk zichzelf wel regeren. “Vrijheid, gelijkheid en broederschap”, dat zou de mensheid wel het paradijs bezorgen! Maar het gevolg was uiteraard anarchie. Want de mens is geneigd tot alle kwáád, ook als hij zich inbeeldt tot veel goeds in staat te zijn.
Een ander gevolg van de evolutieleer is seksuele verwarring en perversie. Het feminisme en de seksuele revolutie van de jaren ’60 van de vorige eeuw, moesten ons ervan overtuigen dat een vrouw pas tot haar recht komt als zij zelfbeschikkingsrecht heeft. Zowel maatschappelijk als juist ook op het gebied van de voortplanting. Anticonceptie zorgde ervoor dat de band tussen huwelijk en voortplanting verbroken kon worden. Iedereen (zowel mannen als vrouwen) moesten vooral doen wat ze zelf “lekker” vinden. En als het gevolg ervan (zwangerschap) niet gewenst is, dan kun je de foetus (eufemisme voor het ongeboren kindje) “gewoon” laten aborteren.
In de laatste jaren is daar nog de gender-verwarring bijgekomen. Twee geslachten, man en vrouw, door God geschapen, heet achterhaald. Nu “weten” we dat er wel 65, of meer, verschillende genders zijn. En als het lichaam waarin je geboren bent je niet aanstaat, dan kun je dat middels hormonen en operaties veranderen. Dat je DNA en je chromosomen niet veranderen, zijn feiten die compleet genegeerd worden.
De mens heeft zichzelf compleet op de troon gezet. Denkt God niet meer nodig te hebben, maar zal met zijn ongeloof te gronde gaan, als God het niet verhoedt.
“Terwijl zij zich uitgaven voor wijzen, zijn zij dwaas geworden, en hebben zij de heerlijkheid van de onvergankelijke God vervangen door een beeld dat lijkt op een vergankelijk mens, op vogels en op viervoetige en kruipende dieren. Daarom ook heeft God hen in de begeerten van hun hart overgegeven aan de onreinheid om hun lichamen onder elkaar te onteren. Zij hebben de waarheid van God vervangen door de leugen, en het schepsel vereerd en gediend boven de Schepper, Die te prijzen is tot in eeuwigheid. Amen.” (Rom. 22-25)
Afgoden in de Toekomst
De ontwikkeling van kunstmatige intelligentie begint nu al een hoge vlucht te nemen. ChatGPT is een handige methode om bijvoorbeeld met weinig moeite artikelen te schrijven. A.I. helpt je om snel antwoorden te vinden op welke vraag dan ook. Er bestaat inmiddels al A.I. speelgoed en er zijn lespakketten voor school, om onze kinderen alvast voor te bereiden op de mogelijkheden van A.I. En Koningin Maxima zet zich al jaren onvermoeibaar in om deze “verworvenheden” te promoten. De mogelijkheden van A.I. lijken eindeloos, en de technologie zal blijven doorgaan, zolang God het toestaat.
In Genesis 9 lezen we hoe de mensheid onder leiding van Nimrod een toren wilde bouwen die tot in de hemel reikte. God verwarde de taal van de mensen omdat zij anders hun doel, God van de troon stoten, zouden kunnen bereiken. (Genesis 11) Nu lijkt de cirkel bijna helemaal rond te zijn. We gaan steeds meer terug naar het spreken van één taal (Engels), en dan zal de mensheid opnieuw, onder leiding van de Satan, een uiterste poging doen om God van de troon te stoten. En God zal dat voor een korte tijd toestaan.
“En ik zag een ander beest opkomen, uit de aarde, en het had twee hoorns, als die van het Lam, maar het sprak als de draak. En het oefent al de macht van het eerste beest voor zijn ogen uit, en het maakt dat de aarde en zij die er wonen het eerste beest aanbidden, waarvan de dodelijke wond genezen was. En het doet grote tekenen, zodat het zelfs vuur uit de hemel laat neerkomen op de aarde, voor de ogen van de mensen. En het misleidt hen die op de aarde wonen door middel van de tekenen die het gegeven zijn te doen voor de ogen van het beest. En het zegt tegen hen die op de aarde wonen, dat zij een beeld moeten maken voor het beest dat de wond van het zwaard had en weer levend werd. En hem werd macht gegeven om een geest te geven aan het beeld van het beest, opdat het beeld van het beest zelfs zou spreken, en zou maken dat allen die het beeld van het beest niet zouden aanbidden, gedood zouden worden.” (Openb. 13:11-15)
Conclusie
Maar al deze dingen hoeven ons niet ongerust maken, God houdt heel zijn schepping in Zijn hand en Zijn Raadsplan zal volvoerd worden. Satan en zijn trawanten kunnen de ongelovige wereld wel verleiden, maar wij mogen ons vertrouwen stellen op onze Heiland die ons, als een trouwe Herder, leidt en weidt. Hij zei: “Mijn schapen horen Mijn stem en Ik ken ze en zij volgen Mij. En Ik geef hun eeuwig leven; en zij zullen beslist niet verloren gaan in eeuwigheid en niemand zal ze uit Mijn hand rukken. Mijn Vader, Die hen aan Mij gegeven heeft, is meer dan allen, en niemand kan hen uit de hand van Mijn Vader rukken.”(Joh. 10:27-29)
Daarom, laten wij, die geleid door de Heilige Geest, met de Heere wandelen, “waakzaam en nuchter zijn. Want zij die slapen, slapen ‘s nachts en zij die dronken zijn, zijn ‘s nachts dronken. Maar laten wij, die van de dag zijn, nuchter zijn, bekleed met het borstharnas van geloof en liefde, en met de hoop op de zaligheid als helm. Want God heeft ons niet bestemd tot toorn, maar tot het verkrijgen van de zaligheid, door onze Heere Jezus Christus, Die voor ons gestorven is, opdat wij, hetzij wij waken, hetzij wij slapen, samen met Hem zouden leven. Bemoedig elkaar daarom, en bouw de één de ander op, zoals u trouwens al doet. (1 Thess. 5: 6-11)
Blijf ijverig en wees nuchter, want degenen die met verlangen uitzien naar onze Bruidegom zullen nooit verrast worden wanneer Hij komt voor Zijn bruid. Blijf gericht op de dingen die onze God behagen, Christus Jezus liefhebben en dienen, en anderen liefhebben en dienen, de Grote Opdracht vervullen, en ernaar streven om de kostbare tijd die onze Heere ons nog geeft goed te gebruiken.
“En neem niet deel aan de onvruchtbare werken van de duisternis, maar ontmasker ze veeleer. Want wat heimelijk door hen gedaan wordt, is te schandelijk om zelfs maar te vertellen. Maar al deze dingen komen openbaar als ze door het licht ontmaskerd worden; want al wat openbaar maakt, is licht. Daarom zegt Hij: Ontwaak, u die slaapt, en sta op uit de doden, en Christus zal over u lichten. Let er dan op dat u nauwgezet wandelt, niet als dwazen, maar als wijzen, en buit de geschikte tijd uit, omdat de dagen vol kwaad zijn.” (Ef. 5:11-16)
Hoewel afgoden in de loop der eeuwen sinds de schepping verschillende vormen hebben aangenomen, blijven afgoden wat ze zijn: middelen van de Satan om ons af te leiden en weg te leiden van God. Alles wat ons afleidt van God, of de plaats van onze Heere en Heiland inneemt, is een afgod dat moet worden vermeden.
“…wie uit God geboren is, bewaart zichzelf en de boze heeft geen vat op hem. Wij weten dat wij uit God zijn en dat de hele wereld in het boze ligt. Maar wij weten dat de Zoon van God gekomen is en ons het verstand heeft gegeven om de Waarachtige te mogen kennen; en wij zijn in de Waarachtige, namelijk in Zijn Zoon, Jezus Christus. Die is de waarachtige God en het eeuwige leven. Lieve kinderen, wees op uw hoede voor de afgoden. Amen.” (1 Joh. 5:18b-21)